donderdag 9 juni 2016

Bokspop

Toen begin dit jaar David Bowie overleed schoten mijn gedachten teug naar diens concert in De Kuip dat ik in 1983 bijwoonde. En in de week dat we het onwaarschijnlijke nieuws hoorden dat Johan Cruijff naar de eeuwige sportvelden was vertrokken tikte ik een stukje over het feit dat ik hem een aantal keer aan de Dordtse Krommedijk heb mogen bewonderen.

Dus ligt het in de lijn der verwachting dat ik - nu deze week Mohammed Ali zijn laatste wedstrijd verloor - de grootste bokser (en sportman?) allertijden ooit op een of ander achterafzaaltje heb zien staan boksen. Nee natuurlijk! Ik associeer Mohammed Ali met 's nachts tv kijken.

In de tijd dat Nederland 1 en 2 normaliter al rond een uur of 11 het zwart-witbeeld inruilden voor sneeuw en ruis, was het een sensatie dat er af en toe uitzonderingen waren en er rechtstreeks geschiedenis werd geschreven. Dat was op 20 juli 1969 het geval, toen de mensheid de eerste stap op de maan zette. Ikzelf heb als achtjarig jochie 'one small step for men, one giant leap for mankind' niet live gehoord, maar m'n vader heeft me later wel verteld dat hij toen hij die nacht tv keek hij buiten de maan zag staan en zich maar moeilijk kon voorstellen dat die mannetjes op tv daar op dat moment rondstapten.

Het tweede spectaculaire live-programma dat 's nachts werd uitgezonden en dat me is bijgebleven is 'the Rumble in the Jungle', de legendarische bokswedstrijd tussen Mohammed Ali en George Foreman op 30 oktober 1974. Ook die heb ik destijds niet gezien, maar ik kan me al het gedoe er omheen nog goed herinneren.
Én ik beschikte op dat moment al over een Mohammed Ali-bokspop. We waren die zomer in Spanje geweest en hadden - zoals gebruikelijk - een souvenirtje mogen uitzoeken.
Daarbij was mijn oog gevallen op die pop.
En hoewel die donkere vechtersbaas niks met L'Escala of Estartit te maken had mocht ik 'm meenemen als herinnering aan de vakantie.

Onder Ali's blauwe shirt zaten twee kleine hendeltjes waarmee ik z'n scharnier-armen klappen kon laten uitdelen. Ik ging er zo fanatiek mee te keer dat toen we terug in Nederland waren z'n ene arm al niet meer goed functioneerde. En als-ie al bewoog, was het vrij krachteloos.

Hoe wrang was het dat de voormalige boksgrootheid op momenten dat we hem in latere jaren nog wel eens op tv zagen ook steeds krachtelozer werd door de Parkinson-aandoening. Af en toe voelde ik me bijna schuldig. Maar Spaanse souvenirwinkeltjes verkopen vast geen voodoo-poppetjes...